Algemene informatie over het ZAG


Doelgroep ZAG:


Leerkrachten, IB'ers en ICL'ers van het (speciaal) basisonderwijs die behoefte hebben aan advies m.b.t. afstemmingsmogelijkheden, waarbij de middelen en mogelijkheden van de interne afstemming m.b.t. de onderwijsbehoeften van een leerling binnen de eigen school niet toereikend zijn.

Taken ZAG

  1. Op basis van het aangeleverde dossier brengen ZAG en school tijdens de zitting de kindkenmerken en de onderwijsbehoeften (verder) in beeld, het betreft o.a.
    • Aspecten van leren- en ontwikkeling (waaronder intelligentie);
    • Sociaal- emotionele/ gedragsaspecten;
    • Medische aspecten;
    • Persoonlijkheidsstoornissen (meestal nog niet van toepassing bij jonge kinderen)
    • Mogelijke factoren van invloed uit de thuissituatie.
    Daarnaast wordt ook gekeken naar de schoolkenmerken en handelingsverlegenheid van de leraar/ school.
    Belangrijk bespreekpunt is de match tussen de onderwijsbehoeften van betreffende leerling in relatie tot de afstemmingsmogelijkheden van de school.
  2. De scholen bij handelingsverlegenheid in samenspraak met de IB'er ondersteuning bieden bij de opvang van leerlingen binnen het basisonderwijs door het geven van advies (leerkrachtgericht) en het versterken van de zorgmogelijkheden.
  3. Het toewijzen van de extra bovenschoolse voorzieningen (o.a. ambulante begeleiding van de leraar) en begeleidingsmogelijkheden conform het zorgplan van het samenwerkingsverband. De IB'er van de school is in deze situaties nauw betrokken bij het proces.
  4. Het geven van advies wanneer afstemming op de huidige school niet (meer) tot de mogelijkheden behoort:
    • BAO-SBO (Verwijzing naar de Permanente Commissie Leerlingenzorg (PCL).
    • BAO-SO (Verwijzing Speciaal Onderwijs (REC).
    • BAO-BAO (Verwijzing andere basisschool)
    Zowel ouders als school zijn actieve betrokkenen bij dit proces van advisering. Belangrijk is dat het besluit door alle partijen gedragen wordt.
  5. Het ZAG heeft een monitorfunctie en evalueert samen met de coördinatoren de effecten van het beleid van het samenwerkingsverband voor zover het de werkzaamheden van het ZAG betreft.

Procedure


Bij aanmelding van een dossier
  1. De belangrijkste voorwaarde waaraan een school voldaan moet hebben om een dossier aan te melden bij het ZAG is dat niveau 1 t/m 3 (zie zorgplan pagina 11-12) op de school goed doorlopen zijn.
  2. De school (ICL'er / i.b.'er) meldt na overleg met de ouders een kind aan bij het ZAG met een verzoek tot multidisciplinair meedenken om te komen tot een passende oplossing voor de hulpvraag van de school.
  3. Op het aanmeldformulier geeft de school aan of de aanmelding voor het ZAG of voor de PCL bedoeld is. Slechts bij dossiers waarbij zeer duidelijk ingeschat wordt dat het rechtstreeks ingediend kan worden bij de PCL* met een grote kans op een positieve beschikking geeft men dit op het aanmeldformulier aan.
    In alle andere gevallen gaat de aanmelding in eerste instantienaar het ZAG.
    (*De PCL heeft de wettelijke verplichting altijd een beschikking (positief of negatief) af te geven. Bij te snel of onvolledig aanmelden bij de PCL loopt men een groter risico op een negatieve beschikking hetgeen vervelende gevolgen kan hebben voor alle betrokkenen.)
  4. Het aanmelden van een dossier gebeurt door het versturen van een aanvraagformulier ZAG/PCL plus het bijbehorende onderwijskundig rapport naar:
    • Samenwerkingsverband Over Maas en Duin
      t.a.v. de Zorg Advies Groep
      Postbus 557
      5140 AN Waalwijk
    Het aanvraagformulier plus onderwijskundig rapport zijn voorzien van de handtekening van de ouders.
    De dossiers dienen uiterlijk 2 weken voor de zitting van het ZAG ingeleverd te zijn.
    Om efficiënt en oplossingsgericht te kunnen werken, moet het onderwijskundig rapport zeer serieus en zo concreet mogelijk ingevuld worden. Het spreekt voor zich dat men zich vooral richt op het beantwoorden van die onderdelen die relevant zijn voor de hulpvraag. Vragen die m.b.t het aangeboden dossier niet relevant zijn, kan men overslaan.
  5. Het ZAG bespreekt in haar vergadering de hulpvraag vanuit de school en de acties die ondernomen kunnen worden. De interne begeleider en de betrokken leerkracht van de school zijn bij dit gesprek aanwezig. In principe houdt de school (leerkracht en interne begeleider) de ouders/verzorgers op de hoogte van de voortgang van het traject. De school en de ouders kunnen aangeven of het wenselijke is dat de ouders een uitnodiging voor een gesprek ontvangen. Let wel: ouders tekenen het aanvraagformulier waarop dit aangegeven wordt.
  6. De school ontvangt het verslag en stelt de ouders op de hoogte van de bevindingen en adviezen van het ZAG.
  7. Als ouders aanwezig zijn geweest tijdens een zitting ontvangen ook zij een verslag.
  8. Bij inzet van ambulante begeleiding bepaalt het ZAG de duur van deze begeleiding met een maximum van 40 uur. De interne begeleider / ICL'er van de school bespreekt de uitvoering van de ambulante begeleiding met de ouders.
  9. Als het ZAG van mening is dat een kind in aanmerking zou moeten komen voor plaatsing binnen een school voor speciaal basisonderwijs dan treedt de procedure van de PCL in werking middels een beschikkingsaanvraag.

Bij aanmelding zonder dossier


De school meldt zich, middels het aanmeldformulier, in geval van handelingsverlegenheid preventief aan (zonder dossier) bij het ZAG met het verzoek tot multidisciplinair meedenken om te komen tot een concreet advies om de afstemmingsmogelijkheden te verhogen.
Men beschrijft kort de voorgeschiedenis / context.

Bij het anoniem inbrengen van een leerling-dossier het volgende aanleveren: het aanvraagformulier, relevante kindkenmerken anoniem beschreven en aangeven wat men tot dusver ondernomen heeft.

Met het oog op de toekomst richting passend onderwijs en in het kader van efficiëntie, gaat het ZAG een stap zetten in de richting van een loketfunctie. Dit houdt in dat de coördinator en de voorzitter van het ZAG de dossiers op voorhand toetsen op ontvankelijkheid en volledigheid en beoordelen door welke groep deskundigen de vraag in eerste instantie het best beantwoord kan worden.

Er zijn 3 "ZAG groepen"

  1. Voor dossiers met twijfel over de juiste plaats waar de juiste afstemming geboden kan worden.
    Dossiers waarbij een mogelijke verwijzing SBO of SO op voorhand al enigszins in beeld is.
  2. Voor dossiers met de "normale" Zag vragen rond handelingsverlegenheid van de school: multidisciplinair nadenken over afstemmingsmogelijkheden en aansluiten op onderwijsbehoeftes. In eerste instantie geen verwijzing in beeld.
  3. Voor dossiers waarbij m.n. een zorgvraag gesteld wordt die mogelijk multidisciplinair met inbreng van externe zorgpartners besproken zal moeten worden.
    Hier is mogelijk sprake van verbinding tussen onderwijs en externe zorgpartners.
De samenstelling van de deelnemers in het ZAG zal per groep variëren en afgestemd zijn op ieders specialisme en meerwaarde voor een juist advies.

De ZAG bijeenkomsten zullen plaatsvinden op de geplande donderdagen tussen 11.00 en 17.00 uur.